Werken als een Paard (WaeP) bestaat alweer een aantal jaar en we hebben ondertussen al veel kinderen mee mogen nemen op avontuur. Met ons naschoolse programma nemen we een kijkje achter de gesloten deuren van veel bedrijven en instanties in en rondom Rotterdam. Anton Brand is er vanaf het begin af aan bij geweest en ook nu laat hij ons niet in de steek. Wat is belangrijk voor de kinderen om de overgang van basisschool naar voortgezet onderwijs gemakkelijker te maken en hoe kunnen we dit programma het beste voorzetten? Deze vragen zijn belangrijk om te stellen en vaak heeft Anton hier een antwoord op. Hoog tijd om hem meer vragen voor te leggen! We spraken met hem af bij Rotterdams Vakcollege De Hef.

Hi Anton, hoe ben je eigenlijk betrokken geraakt bij WaeP?
Ik was veel betrokken bij loopbaan oriëntatie hier op De Hef en ik werkte veel samen met basisschool Nelson Mandela. Toen raakte ik ergens, ik weet niet precies meer wanneer, in gesprek met Fred over het Werken als een Paard project. Toen hebben we een projectgroep opgestart om het programma te maken. In die tijd was ik er veel intensiever bij betrokken dan nu, nu kijk ik vaak even mee naar het programma of alles nog aansluit op de veranderingen binnen de maatschappij en de scholen. Maar eigenlijk ben ik helemaal niet meer nodig, het programma staat gewoon als een huis!
Helemaal in het begin moest heel het programma natuurlijk nog neergezet worden. Toen gaf ik vooral tips in hoe je een les opbouwt, waar je op moet letten en wat het voor de kinderen ook leuk en interessant maakt. We keken naar de beginnende opbouw: wat werkt voor de leerlingen en wat juist niet? Je kan bijvoorbeeld niet een verhaal van een uur vertellen want dan is de aandacht weg, dat is voor niemand leuk haha. Je moet juist veel gaan doen met deze kids, handen uit de mouwen steken en aan de slag!

Wat is in jouw ogen de meerwaarde van de WaeP projecten?
Wat ik altijd heel goed vind (en daar hebben de scholen nou eenmaal niet altijd tijd voor) is het meemaken van activiteiten en gebeurtenissen, erop uit trekken. Het zien buiten de dingen om. De leerlingen moeten uiteindelijk een keuze maken qua studie en in Nederland moet je relatief vrij vroeg die keuze maken. Maar op het moment dat je niet zo goed weet waar je allemaal uit kan kiezen is het heel lastig. Dan kan iets op papier staan en leuk klinken maar dat zegt natuurlijk niks. Er zijn nog zoveel beroepen die de leerlingen niks zeggen, totdat ze het gezien en meegemaakt hebben. In Rotterdam Zuid komen ook sommige kinderen zelfs de brug niet over. Die blijven in hun eigen wijk, dat maakt hun wereld ook vrij klein. Terwijl, des te meer je ziet, des te betere keuzes je kan maken. Nu zijn scholen helaas niet altijd goed uitgerust om met een hele klas ergens naar toe te gaan. Met Werken als een Paard is het gewoon fantastisch dat de kinderen zoveel zien en met allerlei verschillende beroepen in aanraking komen.

Hoe zie jij de overgang tussen de basisschool en de middelbare school?
Ik zie vaak leerlingen met een taalachterstand. Daar vallen ze dan op uit, taal is gewoon belangrijk in elk aspect van het onderwijs maar ook het dagelijks leven. Dus ze begrijpen bijvoorbeeld wiskunde wel maar de vraagstelling bij wiskunde niet. Dus ze vallen niet uit bij de moeilijkheid van de stof maar vanwege de vraagstelling. Doordat je met Werken als een Paard met andere mensen en situaties in aanraking komt die ook weer een eigen vocabulaire hebben breid je de woordenschat van de kinderen uit. Ze zien de woorden in hun context en zo gaat het leren erg snel. Dat zorgt er weer voor dat de aansluiting op het voortgezet onderwijs ook weer makkelijker wordt. Dit project heeft dus twee goede kanten, doordat de kinderen veel zien en meemaken wordt hun woordenschat groter én de keuzes over de toekomst worden iets makkelijker. Twee hele belangrijke dingen. En dat mag het Werken als een Paard team zich best wat meer beseffen, dat ze de kinderen niet alleen meer van de wereld laten zien maar ook ongemerkt hun woordenschat vergroot. Het is een bijkomstigheid, maar we merken de laatste tijd dat dit echt een verschil maakt. Dus al is het een bijkomstigheid, het is wel een belangrijke.

Waarom is dit zo belangrijk voor jou?
Ik werk al heel lang met veel plezier hier op Zuid omdat ik het de kinderen gewoon gun om goede keuzes te maken. Ze een mooi breed beeld te laten zien van wat ze allemaal kunnen doen in het leven. Er werd best wel lelijk gepraat over dit soort wijken, maar zolang we deze wijken nergens bij betrekken dan verbetert dat natuurlijk ook niet. Daarom werk ik graag samen met projecten zoals Werken als een Paard. Zij dóén gewoon. Met een klein enthousiast team nemen ze elke week weer de kinderen mee op avontuur, dat is zo waardevol.

Je bent er al vanaf het begin bij, welke groei/ontwikkeling zie jij?
Ik vind het goed dat ze vooral niet te hard groeien. Je ziet bij andere organisaties bijvoorbeeld dat ze doelen gaan stellen qua hoeveelheid leerlingen etc. Dat gaat op den duur gewoon ten koste van de kwaliteit. Het programma wat nu staat en de bedrijven die meewerken, die hebben ook niet onbeperkt tijd om de kinderen rond te leiden. Wanneer je groter groeit heb je dus niet meer de inzet van de bedrijven en brokkelt het programma ook af. Soms is het juist goed om een beetje exclusief en wat kleiner te zijn. Zo kan je de kwaliteit hoog houden en dat doet Werken als een Paard heel goed. Je komt als kind op plaatsen waar je normaal gesproken niet zo gauw komt en het enthousiasme vanuit de bedrijven is ook groot. Dat is gewoon goed, zoveel mogelijk zien en meemaken!